DE BERGREDE: NOODZAKELIJK ONDERWIJS - NIET STERK IN JEZELF WILLEN ZIJN

Enkele opmerkingen bij de Bergrede

 

Geen discussiestuk

De Here Jezus is zijn publieke optreden als de Messias begonnen. Hij is bezig om de mensen als de grote Leraar goddelijk onderwijs te geven. Het onderwijs van het Koninkrijk van de hemel. Het Koninkrijk dat in Hem op de wereld gekomen is.

Dat dit zijn optreden in deze periode kenmerkt, zie je in Mattheüs 4:17, 23: “Van toen af begon Jezus te prediken en te zeggen: Bekeer u, want het Koninkrijk der hemelen is nabijgekomen…. En Jezus trok rond in heel Galilea, gaf onderwijs in hun synagogen en predikte het Evangelie van het Koninkrijk, en Hij genas elke ziekte en elke kwaal onder het volk.”

De Here Jezus besluit een heel grote groep samen zijn onderwijs te geven in een grote rede. Ze komen samen bij een berg. Als ze op die berg zijn gaan ze een stukje naar onderen om op een meer vlak gedeelte van de berg bij elkaar te kunnen gaan zitten. (Lukas 6:17,18)

Zo kan Jezus hen in alle rust zijn grondleggende onderwijs geven. Het gaat hier niet om onderwijs dat Jezus alleen aan een aantal ingewijden geeft. Het is niet maar extra onderwijs voor gevorderden. Nee, het is het onderwijs dat je nodig hebt om echt een christen te zijn.

Het gaat hier om het onderwijs van de Zoon van God dat voor ieder mens van beslissend belang is. Wil je burger van het Koninkrijk van God zijn, dan is leven volgens dit onderwijs noodzakelijk. Daar kun je niet onderuit.

De Here Jezus geeft dan ook echt onderwijs. Hij leert de mensen iets. Niet als een mogelijkheid. Niet als iets waarover je eens zou kunnen praten of discussiëren. Nee, als het evangelie, de goede boodschap van Gods Koninkrijk. Zo is het en niet anders. Ook in 2020. Ook in onze tijd waarin velen het ergerlijk vinden als iets ons als waarheid wordt voorgehouden. De Here Jezus leert de mensen in zijn eigen tijd ook zo anders dan ze gewend zijn. Zij waren gewend dat veel hen werd voorgehouden als iets waarover gediscussieerd kon worden. Dat Jezus onderwijs zo anders was, lees je in Matt. 7:28,29: “Toen Jezus deze woorden had geëindigd, gebeurde het dat de menigte versteld stond van Zijn onderricht, want Hij onderwees hen als gezaghebbende en niet zoals de Schriftgeleerden.” Hier leert Christus ons dat we de woorden van God en het evangelie niet als een discussiestuk op tafel moeten leggen. We moeten elkaar juist leiden met dat evangelie, want het evangelie leert ons wat echt is en wat de weg is die we hebben te gaan.

 

Jezus vraagt geloofsgehoorzaamheid

De Bergrede is door de tijden heen geliefd bij veel mensen. Het zou in de Bergrede om de liefde gaan en niet om gehoorzaamheid. Het zou in de Bergrede om iets gaan dat mensen van goede wil aanspreekt en een boodschap bevat waarvoor je geen christen hoeft te zijn. De Bergrede zou mensen van allerlei richting kunnen verenigen zonder moeilijk te doen. Zo spreken mensen met een bepaalde passie over Bergredechristendom. Geen gehoorzaamheid, maar liefde. Geen regels, maar spontaniteit. Geen geboden, maar het hart.

Ik wil jullie niet onthouden wat Prof J. van Bruggen daarover schrijft in zijn boekje de Bergrede: “Geloven mag nog steeds, maar waarom zou het geloof iets voor hebben op het ongeloof? Christelijk leven is toegestaan, maar als privézaak: het publieke leven wordt geneutraliseerd, ontkerstend. Velen gaan het geloof nu ook beleven als een vrijblijvende zaak. Binnen het christendom komt het accent steeds meer te liggen op geloofservaring. Wanneer de ervaring die men als gelovige heeft, echt is en persoonlijk, mag men verder geloven wat men wil. In het christelijke leven verschuift de aandacht van de normen naar de persoonlijke keuze en eigen verantwoordelijkheid. De vraag hoe men iets ziet of beleefd wordt belangrijker dan de vraag hoe het is en moet zijn. …..

Samen geloven betekent in de twintigste eeuw voor velen: samen geloofservaringen uitwisselen. Geloven is toch vrij zijn? Geloof wordt dan vrijblijvend. De enige ketterij die overblijft, is de gedachte dat men van anderen zou mogen vragen zich te onderwerpen aan een bepaalde leer of belijdenis en zich te voegen naar een omschreven levensstijl. Verbiedt de aard van het geloof niet elk gezag, of het nu gezag van een kerk, een belijdenis of een bijbel is? Bij alle onduidelijkheid en vaagheid lijkt dit het enige duidelijke dat in onze tijd is overgebleven: geloven staat vrij!”[1]

Juist als je let op het onderwijs van de Here Jezus in de Bergrede zie je dat Hij er veel nadruk op legt dat geloven juist gehoorzamen uit liefde is. Dat geloven is Hem volgen volgens Gods geboden. Dat het juist is dat jij jouw hart laat vormen en veranderen volgens Gods geboden, volgens de geboden van Christus. Hij laat juist in de Bergrede zien hoe diep die gehoorzaamheid heeft te gaan: tot diep in je hart. Hij laat juist zien dat er geen ruimte is voor een gedeeld hart. “Niemand kan twee heren dienen, want of hij zal de één haten en de ander liefhebben, of hij zal zich aan de één hechten en de ander minachten. U kunt niet God dienen en de mammon.” Matt. 6:24

Leven met Christus is niet dat je op bepaalde momenten van je leven spontaan en enthousiast Christus als je Heer aanbidt maar in je gewone leven toch je eigen gang gaat. Heel duidelijk komt dit uit in Matt. 7:21-23: “Niet ieder die tegen Mij zegt: Heere, Heere, zal binnengaan in het Koninkrijk der hemelen, maar wie de wil doet van Mijn Vader, Die in de hemelen is. Velen zullen op die dag tegen Mij zeggen: Heere, Heere, hebben wij niet in Uw Naam geprofeteerd, en in Uw Naam demonen uitgedreven, en in Uw Naam veel krachten gedaan? Dan zal Ik hun openlijk zeggen: Ik heb u nooit gekend; ga weg van Mij, u die de wetteloosheid werkt! ”

 

Gelukkig verklaard

Het onderwijs van de Here Jezus begint met de zaligsprekingen. Hij begint ermee om te zeggen wanneer je gelukkig bent! Leven in het Koninkrijk van de hemel zorgt voor een echt gelukkig leven. Je ziet in de gelukkigverklaringen die de Here Jezus uitspreekt wat het voor het leven op deze aarde betekent. Je ziet in de zaligsprekingen heel duidelijk wat het leven als burger van het Koninkrijk nu is en wat het je uiteindelijk voor altijd geeft. Het hemels geluk dat je voor altijd krijgt.

Het is dan opvallend dat burgers van Gods Koninkrijk nu op aarde in de ogen van mensen juist zwak zijn. Het gaat erom dat wij op deze wereld als burgers van Gods Koninkrijk, als gelovigen, zwak willen zijn. Dat strijdt met de neiging in onze cultuur om iemand te willen zijn, om iets te bereiken, om voor hier en nu voor je eigen geluk te zorgen. Hier komt naar voren wat Paulus later in 2 Ko.r 12:9, 10 schrijft: “Maar Hij heeft tegen mij gezegd: Mijn genade is voor u genoeg, want Mijn kracht wordt in zwakheid volbracht. Daarom zal ik veel liever roemen in mijn zwakheden, opdat de kracht van Christus in mij komt wonen. Daarom heb ik een behagen in zwakheden: in smadelijke behandelingen, in noden, in vervolgingen, in benauwdheden, om Christus' wil. Want wanneer ik zwak ben, dan ben ik machtig.”

Een burger van het Koninkrijk van God is o.a. “arm van geest”. Het woord dat hier in het Grieks voor arm gebruikt wordt, wijst op de ergste armoede die er is. Het gaat om de arme die elke dag moet bedelen om in leven te blijven. Let erop dat het hier gaat om bedelaar te zijn met je geest. Het gaat er hier dus niet om of je arm of rijk bent in materiële zin  Wie burger van het hemelrijk wil zijn moet, of hij nu arm of rijk is, bedelaar met zijn geest willen zijn.

Dat betekent dat je elke dag beseft dat je vanuit jezelf straatarm bent. Dat je een schuldige bent die het elke dag nodig heeft om eerbiedig om vergeving te vragen. Die elke dag nodig heeft om vanuit je hart te vragen om de leiding van de Heilige Geest. Een burger van Gods Koninkrijk zegt niet: ‘moet je eens kijken hoe goed ik het al in geloof doe,hoe sterk ik al in mijn geloof ben.’ Een burger van Gods Koninkrijk zegt niet: ‘Ik ben zo gevorderd dat ik eigenlijk geen of weinig vergeving meer nodig heb.’

Zelfverzekerdheid brengt niet het echte geluk. Dat echte geluk is er voor wie elke dag bedelt bij de Bron, bij de HERE! Voor wie zich klein weet en elke dag van Gods genade wil leven, is er het Koninkrijk van de hemel.

In dit verband is heel treffend wat we in Jesaja 66:2 lezen: “Want Mijn hand heeft al die dingen gemaakt, en daardoor bestaan al die dingen, spreekt de HEERE. Maar Ik zal zien op deze, op de ellendige en verslagene van geest, en wie voor Mijn woord beeft.” Zo hoor je als gelovige bij de Here God. Dat kan niemand je afnemen hoe sterk de mensen op deze wereld ook zijn.

Het belangrijkste in je leven is niet om sterk te zijn, niet om jezelf te ontplooien zoals jij dat gedacht had. Het belangrijkste is dat je burger van Christus’ Koninkrijk bent. In diepe afhankelijkheid van je hemelse Vader.

Dan ben je gelukkig en word je in de toekomst voor altijd alleen maar gelukkiger.

 

Leven om uit te stralen

Leven als burger van Gods Koninkrijk is niet alleen leven in eigen kring. Het leven volgens de leer van Christus geeft juist uitstraling naar buiten toe. De Here Jezus spreekt daarover heel duidelijk in de verzen 13-16. “U bent het zout van de aarde; maar als het zout zijn smaak verloren heeft, waarmee zal het gezouten worden? Het deugt nergens meer voor dan om weggeworpen en door de mensen vertrapt te worden. U bent het licht van de wereld. Een stad die boven op een berg ligt, kan niet verborgen zijn. En ook steekt men geen lamp aan en zet die onder de korenmaat, maar op de standaard, en hij schijnt voor allen die in het huis zijn. Laat uw licht zo schijnen voor de mensen, dat zij uw goede werken zien en uw Vader, Die in de hemelen is, verheerlijken.”

We zien hier ook dat alles in ons leven gericht heeft te zijn op de eer van God. Leven in Gods Koninkrijk is zo leven dat Zijn naam daardoor groot gemaakt wordt. Wat de Here Jezus ons leert in de Bergrede is dus geen theorie. Het gaat er juist om dat je die leer als het levenswoord hoort. Dat het je ertoe aanzet om echt zo met Christus te leven. Je wilt echt burger van Gods Koninkrijk zijn. Je leeft voor dat Koninkrijk. Burger zijn van dat Koninkrijk is in je hele leven beslissend. Dan ga je leven op een manier die niet verborgen blijft. Dan leef je anders dan mensen die voor zichzelf en voor deze wereld gaan.

Het is belangrijk om hiervoor echt aandacht te hebben. Juist ook als er over gesproken wordt dat we missionair moeten zijn. Ik krijg de laatste tijd vaak de indruk dat missionair zijn meer aanpassing aan de wereld betekent dan werkelijk voluit als christen, als burger van Gods Koninkrijk leven. Zo is het zeker niet. Het gaat er juist om dat het evangelie van Christus mensen verandert. Dat we met ontferming bewogen mensen laten zien wat leven met Christus betekent en hoe goed dat is. Dat je geloven en leven met Christus nodig hebt om gered te worden uit de eeuwige ellende. Gered te worden van het welverdiende oordeel van God. Missionair zijn als gemeente en als gelovige is juist leven vol liefde volgens Gods geboden. Laten zien dat dat een heel goed leven is, is je lamp laten schijnen in deze wereld. Wanneer Christus ons oproept om goede werken te doen en zo de mensen het leven met de Here God te laten zien, gaat het om een leven waarin wat in de zaligsprekingen wordt genoemd vorm krijgt. Niet sterk zijn en willen zijn in jezelf maar in Christus.

 

[1] Jakob van Bruggen 1985   De Bergrede Kok Kampen p 9,10