MEDITATIES/Meditaties rondom Pasen 2026

Maar als ik de liefde niet had

 

“En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. ...... En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.” 1 Korinthe 13:2 .....13

 

Ik onderbreek de meditaties vanuit Jozua tot en met Pasen. De reden is dat we heel dichtbij Goede Vrijdag en Pasen gekomen zijn. Op weg naar het herdenken van Christus' dood aan het kruis en Zijn opstaan uit de dood is het zo goed om te zien wat Hem bewoog om dit te doen. Om de diepte van Gods weg te zien. Om juist zelf daarvan te leren. Om juist klein te worden voor Christus. Wat bewoog God, wat bewoog Christus om het werk van verlossing te doen? Het antwoord daarop vinden we duidelijk in Gods eigen Woord. Steeds weer. Twee heel duidelijke teksten vandaag:

“Want zo lief heeft God de wereld gehad, dat Hij Zijn eniggeboren Zoon gegeven heeft, opdat ieder die in Hem gelooft, niet verloren gaat, maar eeuwig leven heeft. Want God heeft Zijn Zoon niet in de wereld gezonden opdat Hij de wereld zou veroordelen, maar opdat de wereld door Hem behouden zou worden.” Johannes 3:16,17

“En vóór het feest van het Pascha, toen Jezus wist dat Zijn uur gekomen was dat Hij uit deze wereld zou overgaan naar de Vader, heeft Hij de Zijnen, die in de wereld waren en die Hij liefgehad had, liefgehad tot het einde.” Johannes 13:1

Liefde en alleen liefde is de drijfveer van God, van Christus, om ons, om de wereld te redden. Wat gaat Christus diep voor ons. Tot het bittere einde. Tot op het kruis, tot in de hel! Tot daar waar alleen maar haat en vijandschap is. Geen greintje liefde. Christus gaat zo diep voor vanwege en voor ons. Dat hebben we dan zeker wel verdiend? Onze ellende is dan zeker eigenlijk de schuld van God als Schepper? Nee! En nog eens nee! Alleen aan onszelf. Alleen aan mij. Alleen aan jou! De hele aarde zucht en steunt,, omdat jij en ik en alle mensen tegen God zijn opgestaan. We zijn na de zondeval allemaal goddelozen! Wij hebben het voor 100% verprutst. Toch gaat Christus voor goddelozen tot het bittere einde voor Hem. Om wie tot Hem vlucht met eigen schuld en zonden te redden. Het is Gods liefde alleen!

Dat leert mij juist ook de mensen om mij heen lief te hebben. Mij niet te verheffen boven anderen vanwege mijn belevening of kennis. Als ik mijzelf meer of beter dan een ander voel, heb ik de liefde niet en dan sta ik met lege handen. Laten we door God, door Christus leren liefhebben. De ander in liefde en teerheid behandelen.

 

Maar ek het diem liefde nie

 

“Al praat ek die tale van mense en engele, maar ek het nie liefde nie, dan het ek 'n eergalmende ghong of 'n kletterende simbaal geword. En al profeteer ek, en begryp ek alle geheime, en besit ek alle kennis, en al het ek al die geloof om berge te versit, maar ek het nie liefde nie, is ek niks! Al deel ek al my besittings uit, en gee ek my liggaam oor, sodat ek my daarop kan beroem, maar ek het nie liefde nie, baat dit my niks.” 1 Korinte 13:1-3

 

Die Here Jesus het alle kennis. Hy is die Seun. Hy is God. Hy kyk tot diep in die mense se harte. Hy kan almal vertel wat die waarheid is. Hy is God wat mens geword het. Hy is die mens wat in alles volgens Sy Vader se wil leef. Hy het regtig alle rede om Hom bo die ander mense te verhef. Om hulle te veroordeel en hulle as minderwaardig te sien. Die spesiale is wat ons in Filippense 2 lees: “Laat dan die gesindheid wat daar in Christus Jesus was, ook in julle wees: Hoewel Hy in die gestalte van God was, het Hy gelykheid aan God nie beskou as iets om aan vas te klem nie, maar Hy het Homself daarvan leeggemaak, deur die gestalte van 'n slaaf aan te neem en aan mense gelyk te word. En toe Hy in die vorm van 'n mens verskyn het, het Hy Homself verneder, deurdat Hy gehoorsaam geword het tot die dood toe, ja, die dood aan die kruis.” vs 5-8

Dit is die liefde wat Hom beweeg om dit te doen. Om te kom dien, om te kom red deur in ons plek die straf te dra. Dit is die liefde wat Hom daartoe bring om te swyg as Hy gevange geneem word. Wanneer die Here Jesus gevra sou het om engele wat Hom sou beskerm, sou hulle gekom het. Ons lees as profesie die ook werklikheid geword het in Jesaja 53: “Hy is mishandel, maar hy het hom daaraan onderwerp en nie sy mond oopgemaak nie – soos 'n skaap wat ter slagting gebring word,

soos 'n ooi wat voor haar skeerders stom is. Hy het sy mond nie oopgemaak nie.” vs 7

Die Here Jesus het geswyg om alles oor Hom te laat kom wat nodig was om ons te red. Hoe groot is Sy liefde. Hy ly onreg om vir ons die pad van vrede na die Vader te lê. Dan begin ek vra of ek as volgeling van Christus bereid is om onreg te lei terwille van die vrede. Om nie op my strepe te gaan staan nie. Om te swyg as dit om my posisie gaan. Dan is dit so dat daardie liefde vanuit Christus vir ons wys wat ons in 1 Petrus

 

4:8 les: “Bo alles moet julle mekaar innig liefhê, omdat “die liefde 'n menigte sondes bedek”.

 

Maar als ik de liefde niet had

 

“En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. ...... En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.” 1 Korinthe 13:2 .....13

 

 Maar als ik de liefde niet had. Dan zou ik niet echt voor anderen bidden. Misschien alleen voor mensen waar ik goed mee op kan schieten, maar verder niet. Je kunt heel veel weten. Heel veel weten van de Bijbel. Dat is goed en mooi. Daarin hebben we ook steeds meer te groeien. Ook willen groeien. Toenemen in kennis van de HEERE en daardoor jezelf al meer leren kennen, is nodig.

Maar niet om iets waarop je voor jezelf trots bent. Niet om je daarmee boven anderen te verheffen. De echte liefde betekent ook dat we voor anderen en voor elkaar bidden. Niet alleen voor mensen die wij aardig vinden, maar echt voor elkaar in de gemeente. Daarop leg ik nu even de nadruk. Voor elkaar bidden kan alleen als we de echte liefde van Christus kennen. Christus bad niet alleen voor hen die Hem goed gezind waren. Hij bidt zelfs voor hen die Hem aan het kruis gebracht hebben, met haat tegen Hem in het hart. Hij bidt aan het kruis: “En Jezus zei: Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen.” Lukas 23:34

Bij de Here Jezus is er de liefde voor zondaars, voor hoeren en tollenaars. Voor zondaars zoals ik en jij. Juist in de gemeente van Jezus Christus moet dat bij ons teruggevonden worden. Echt bidden voor elkaar, zoals we dat ook in Jakobus 5: “Belijd elkaar de overtredingen en bid voor elkaar, opdat u gezond wordt. Een krachtig gebed van een rechtvaardige brengt veel tot stand.”  16. Je kunt gezond worden hier ook vertalen met gered worden.  

De liefde van Christus is niet gegrond in ons gevoel, maar in de liefde van God zelf. We lezen bijvoorbeeld in de brieven van Paulus steeds weer dat hij concreet bidt voor bepaalde gemeenten en personen. Hij draagt ook de gemeente van Korinthe op zijn hart, al is er veel kritiek op hem, juist vanuit deze gemeente.

Juist in deze lijdenstijd, waarin we Christus’ liefde voor zondaren zo duidelijk voor ogen zien, zou het goed zijn om ermee te beginnen om echt voor elkaar te bidden in de gemeente. Bijvoorbeeld door te kijken wie er bij jou in de gemeente zijn. Om elke dag in alfabetische volgorde voor enkele adressen gericht te bidden. Om met je hart en zo met liefde bij hen te zijn en hen aan de Christus op te dragen. Dan maakt het niet uit of je die mensen menselijk gezien leuk vindt of niet.  Dat leert ons weer wat echte liefde is.

 

Maar als ik de liefde niet had

 

“En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. ...... En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.” 1 Korinthe 13:2 .....13

 

 Maar als ik de liefde niet had. Dan zou ik niet echt voor anderen bidden. Misschien alleen voor mensen waar ik goed mee op kan schieten, maar verder niet. Je kunt heel veel weten. Heel veel weten van de Bijbel. Dat is goed en mooi. Daarin hebben we ook steeds meer te groeien. Ook willen groeien. Toenemen in kennis van de HEERE en daardoor jezelf al meer leren kennen, is nodig.

Maar niet om iets waarop je voor jezelf trots bent. Niet om je daarmee boven anderen te verheffen. De echte liefde betekent ook dat we voor anderen en voor elkaar bidden. Niet alleen voor mensen die wij aardig vinden, maar echt voor elkaar in de gemeente. Daarop leg ik nu even de nadruk. Voor elkaar bidden kan alleen als we de echte liefde van Christus kennen. Christus bad niet alleen voor hen die Hem goed gezind waren. Hij bidt zelfs voor hen die Hem aan het kruis gebracht hebben, met haat tegen Hem in het hart. Hij bidt aan het kruis: “En Jezus zei: Vader, vergeef het hun, want zij weten niet wat zij doen.” Lukas 23:34

Bij de Here Jezus is er de liefde voor zondaars, voor hoeren en tollenaars. Voor zondaars zoals ik en jij. Juist in de gemeente van Jezus Christus moet dat bij ons teruggevonden worden. Echt bidden voor elkaar, zoals we dat ook in Jakobus 5: “Belijd elkaar de overtredingen en bid voor elkaar, opdat u gezond wordt. Een krachtig gebed van een rechtvaa rdige brengt veel tot stand.”  16. Je kunt gezond worden hier ook vertalen met gered worden.  

De liefde van Christus is niet gegrond in ons gevoel, maar in de liefde van God zelf. We lezen bijvoorbeeld in de brieven van Paulus steeds weer dat hij concreet bidt voor bepaalde gemeenten en personen. Hij draagt ook de gemeente van Korinthe op zijn hart, al is er veel kritiek op hem, juist vanuit deze gemeente.

Juist in deze lijdenstijd, waarin we Christus’ liefde voor zondaren zo duidelijk voor ogen zien, zou het goed zijn om ermee te beginnen om echt voor elkaar te bidden in de gemeente. Bijvoorbeeld door te kijken wie er bij jou in de gemeente zijn. Om elke dag in alfabetische volgorde voor enkele adressen gericht te bidden. Om met je hart en zo met liefde bij hen te zijn en hen aan de Christus op te dragen. Dan maakt het niet uit of je die mensen menselijk gezien leuk vindt of niet.  Dat leert ons weer wat echte liefde is.

 

Maar als ik de liefde niet had

 

“En al zou ik de gave van de profetie hebben en alle geheimenissen weten en alle kennis bezitten, en al zou ik al het geloof hebben zodat ik bergen zou verzetten, maar ik had de liefde niet, dan was ik niets. ...... En nu blijven geloof, hoop en liefde, deze drie, maar de meeste van deze is de liefde.” 1 Korinthe 13:2 .....13

 

Bitterheid.  Het kan er zomaar in ons hart zijn. Je voelt je niet rechtvaardig behandeld. Je bent zo bitter dat je eigenlijk niet meer naar de ander luistert. Wat de ander of anderen zeggen wordt allemaal in een donker daglicht gezet. Die ander kan het niet goed bedoeld hebben. Die ander heeft het alleen maar zo gedaan om jou dwars te zitten. Die ander is alleen maar donker. Je trekt je terug. Je wilt ook niets horen dat bepaalde dingen in een wat ander daglicht zet.

We lezen in 1 Korinthe 13 dat bitter zijn niet bij de liefde van God hoort. De liefde is niet bitter. Dat zien we bij de Here Jezus zo duidelijk. Wat had Hij een reden om bitter tegenover ons te zijn. Hij laat zien hoe goed, hoe liefdevol de HEERE is en wij verwerpen Hem. Hij moet het tot bij Zijn leerlingen meemaken dat ze Hem alleen laten en zelfs verloochenen. Toch gaat Hij in liefde voor ons de weg naar het kruis. Hij stopt Zijn werk niet in bitterheid. Hij heeft lief tot het einde. Johannes 13:1. Hij doet Zijn werk van het dragen van onze zonden niet omdat het nu eenmaal moet. Hij doet het uit en met liefde voor zondaren. Dat heeft ons te leren om niet bitter te zijn en zeker om niet bitter te blijven. Zo  zegt de Geest dat ook.  bijvoorbeeld:

“En bedroef de Heilige Geest van God niet, door Wie u verzegeld bent tot de dag van de verlossing.

Laat alle bitterheid, woede, toorn, geschreeuw en laster van u weggenomen worden, met alle slechtheid, maar wees ten opzichte van elkaar vriendelijk en barmhartig, en vergeef elkaar, zoals ook God in Christus u vergeven heeft.” Efeze 4:30-32

“Jaag de vrede na met allen, en de heiliging, zonder welke niemand de Heere zal zien. Zie erop toe dat niemand achteropraakt in de genade van God, en dat er geen enkele wortel van bitterheid opschiet en onrust veroorzaakt zodat daardoor velen bezoedeld worden.” Hebreeën 12:14,15

 

Lydensweek Dinsdag           

 

Maandag het die mense die mense die Here Jesus juigend verwelkom. Hulle het geroep en gesing: ““Hosanna! Geseënd is Hy wat kom in die Naam van die Here! 10Geseënd is die koninkryk wat kom,

dié van ons vader Dawid! Hosanna in die hoogste!” Markus 11:10

As jy net na die entoesiasme van die mense kyk en net op die woorde let, sou jy sê: dit is so wonderlik, so goed. Ons kyk dan nie diep genoeg nie. Hierdie mense roep enkele dae later: Kruisig Hom. Die Here Jesus maak duidelik wat die oorsaak daarvan is. Hy sien die volgende dag ‘n vyeboom. Ons lees daarvan in Markus 11: “Hy het van ver af 'n vyeboom met blare gesien, en gaan kyk of Hy nie miskien iets daaraan sou vind nie. Toe Hy by die boom kom, het Hy niks gevind nie, net blare, want dit was nie tyd vir vye nie. Hy sê toe vir die vyeboom: “Mag niemand tot in ewigheid ooit weer 'n vrug van jou af eet nie!” Sy dissipels het dit gehoor.” vs 13,15

Hoe mooi het daardie Maandag gelyk. Die mense het Jesus verwelkom. Hulle het gelyj soos ‘n vyeboom wat baie mooi groen blare het. Nogtans is die werklikheid so anders. Daardie mense het nie vergifnis en versoening gesoek nie. Hulle het ‘n Koning gesoek wat hulle magtig en welvarend sal maak. Hulle wil hul eie sondige hart nie ken nie. Hulle is soos die vyeboom waaraan jy heeltemal niks van vrugte sien nie. Dit is logies dat daardie boom toe nie volgroeide  gehad het nie. Daar was het nie die tyd vir nie. Nogtans sou die begin van die vrugte toe gesien moet word. Daar is niks wat maar ‘n begin van die goeie vrugte wys nie. So was dit met die groot deel van die volk toe. Hulle soek nie ‘n Versoener vir hul skuld en sondes nie. Hulle soek ‘n ander Redder wat hul belange sal dien. Die Here Jesus ontmasker ‘n verkeerde verwagting, Hy ontmasker ongeloof. Hy maak duidelik dat daardie geloof nie vrugbaar is nie. Dat daardie geloof nie red nie. So’n  geloof lê onder God se oordeel. Die Gees wys ons hier op Christus wat juis aangeryp moet word as die Versoener met God. Wat ons moet aangryp om vergifnis en ewige lewe te ontvang.

 

Lijdensweek Woensdag

 

Geschokt. Midden in deze lijdensweek. Op de woensdag stelde iemand aan de Here de strikvraag: “Meester, wat is het grote gebod in de wet?” Mattheus 22: 36. Dan komt het bekende antwoord dat we God en onze naaste hebben lief te hebben met alles wat er in ons is.

Juist deze week  lees ik het boek ‘De gewonde God’ van Samuël Wells. Het eerste boek van hem dat ik lees. Er wacht voor de rest van de week een Engels boek van hem:  ‘Incarnational Ministry’.   Ik zit verslagen op de bank als iker aan denk dat de boeken en gedachten van deze man grote invloed hebben in kerken in Nederland. Dat voor 3 jaar benoemd is als gastdocent in de Theologische Universiteit van Utrecht.

Wie geregeld lees wat ik schrijf weet dat ik  veel aandacht geef aan de liefde van Christus die zich door ons naar anderen moeten uitstrekken. Dat niemand daarvoor te slecht is en dat wij ons nooit maar dan ook nooit boven anderen mogen verheffen. Dan verloochenen we  met onze eigen vroomheid Christus. Dan bouwen we toch weer op onszelf.

Toch is het Christus die ons leert om  God en daarmee ook Zijn wil met alles wat ins ons is liefde te hebben. Denk aan de liefde voor Gods wet zoals we daar

Over lezen In Psalm 119. Dan lees je bij Wells o.a. dat God en mensen elkaar moeten vergeven. Je leest het goed. We zouden God ook moeten leren vergeven vanwege de omstandigheden waarin wij gekomen zijn terwijl Hij God is. Zie hoofdstuk 9 van het boek ‘De gewonde God”. Dat terwijl de HEERE in en in God is. In Hem is er geen enkele duisternis! 1 Johannes 1. De Here Jezus zou niet gekomen zijn om ons te redden en de straf voor ons op zich te nemen. Sorry dat ik zo scherp ben maar ik kan het niet anders als godslastering zien. Het evangelie zou aangepast moeten worden aan hoe wij nu voelen en denken om een aansprekend evangelie over te houden. Dat terwijl de Here Jezus zelf laat zien dat het leven volgens Gods goede wil, volgens de wil van die God waarin geen onrecht gevonden kan worden, een leven is dat goed is. Om zelf vanuit Gods liefde te ontdekken hoe zondig wij zijn en Christus als de Verzoener voor onze schuld nodig hebben. Daarvoor zou Jezus niet gekomen zijn. Hij zou gekomen zijn omdat God bij ons wil zijn. Er zou geen andere reden zijn.

Zo houden we geen Verlosser over. Dat zou verschrikkelijk zijn. Gelukkig wezen Johannes de Dopen en die ouderling in de hemel op Christus als het Lam van God. Het Lam dat door de straf te dragen, die wij verdiend hebben, wie in Hem gelooft en met Hem leeft van de straf en de zonden bevrijdt. In dat vertrouwen hoop ik nu rustig te gaan slapen.   

 

 

Lijdensweek donderdag en vrijdag

 

Soms zijn er van die omstandigheden dat het niet mogelijk is om een meditatie te schrijven. Dat was vanmorgen zo. Daarom nu een meditatie voor donderdag en vrijdag.

De Here Jezus gaat Zijn weg naar het kruis. Hij viert donderdagavond, voor de Joden toen het begin van de vrijdag, het Pascha. De hele donderdag van 18.00 in de avond tot en met iets later dan 15.00 de vrijdagmiddag is vol van dat Pascha in het leven van de Here Jezus. Bedenk dat dit voor mensen toen een en dezelfde dag was! De vrijdag. De Here Jezus viert het Pascha en sterft op Golgotha voor de Joden op dezelfde dag.

Hij viert samen met Zijn leerlingen het feest van de bevrijding uit Egypte. Ze eten samen het Paaslam. Dat lam daar herinnert eraan hoe het bloed van een lam aan de deurposten gestreken moest worden. Waar dat gebeurde, was er de redding van de dood. In dat huis kwam de dood, de straf van God, niet binnen. Het strijken van het bloed aan de deurposten vroeg om vertrouwen, om geloof in God. De Here Jezus weet dat Hij het Paaslam is dat voor de bevrijding uit de macht van de zonde en de dood Zijn leven moet geven. Hij strijkt straks Zijn bloed aan het kruis.

Judas vertrouwt niet op Christus. Hij verraadt Hem. Verschrikkelijk. De Here Jezus stelt het avondmaal in. Al begrijpen Zijn leerlingen het nog niet, toch laat Hij zien dat Zijn bloed voor verzoening en redding gaat zorgen. Daaraan moet de kerk tot Zijn terugkeer denken en dat omhelzen om verzoening met God te ontvangen.

De Here Jezus worstelt in de tuin van Getsemane met als de schuld, al die veroordeling die bij ons hoort en op Hem gelegd wordt. Het Lam van God zweet bloed. Het angstzweet breekt Hem uit. Kan het niet anders? Nee, zegt Vader in de hemel. Ik sta beschaamd, want Christus moet het voor mij doormaken, omdat ik zo slecht ben. Toch zegt Jezus als mijn Redder: Niet Mijn wil, maar Uw wil zal gebeuren. Ik ga als Uw Lam het kruis op om zelfs door U verlaten te worden. Zo erg, maar toch doe Ik het. Als het Lam van God dat de zonden wegneemt voor ieder die zijn of haar schuld naar Mij vlucht. Wat een liefde! Ik sta beschaamd. Ik ben zo innig dankbaar. Gods liefde door Christus in zo’n wonder.  Laat Zijn bloed maar op mij druipen, mij schoonwassen. Er is geen andere manier om schoon voor God te kunnen staan.

Het is volbracht. Geen offer in de tempel meer nodig. Ons hart samen richten op Christus, die het Lam van God is. Dat Lam dat nu in de hemel staat en de boekrol openmaakt. Tot het einde brengt. Tot Gods doel brengt. Zo mooi, zo volmaakt, zo eeuwigdurend mooi. Om altijd van te genieten. Nooit verdiend, maar wel door Christus, die niet alleen bevrijdt van wereldmachten, maar ook van de zonde, de duivel, de dood. Van God welverdiende oordeel. Hij nam het op zich! In onze plaats. Zouden we dan niet met heel ons hart buigen aan de voet van het kruis?! Delen in wat Hij verdiend heeft. De Geest wil jou en mij dat leven zo graag geven. Hij wijst ons om bij Christus te komen als het Lam. Het allesbeslissende Lam van God! 

 

Stille Zaterdag

 

Het is stil in Jeruzalem. De Here Jezus ligt in het graf. Zijn stem wordt niet meer gehoord. Het is de rustdag. De Sabbat. Er is iets bijzonders. Ongeveer een keer in de 10 jaar is het zo dat er vrijdag het Pascha gevierd wordt en dat die dag dan ook voorbereiding is op de zaterdag, op de Sabbat die volgt. Het Pascha werd niet altijd op vrijdag gevierd! De vastgestelde datum was namelijk de 14e Nisan.  Per jaar viel dat dus op een andere dag in de week. De HEERE regeert zo dat in het jaar dat de Here Jezus sterft het Pop een vrijdag is en zo ook voorbereiding op de rustdag.

Daarin zien we de rijkdom van Gods werk.

Vrijdag sterft de Here Jezus als Gods volk aan de bevrijding uit Egypte denkt. De HEERE is de God die bevrijdt, die verlost. Hij heeft beloofd dat er ook de bevrijding uit de greep van de zonde en de dood komt. Dat er iemand komt om de straf te dragen die er op onze eigen zonden staat. Juist op de dag van het Pascha brengt de Here Jezus het bevrijdende en beslissende offer.

Dat is voorbereiding op de door God gegeven rustdag. Die rustdag laat ons denken aan de schepping. Aan Gods goede schepping, waarin de rustdag een heerlijke dag was vol genieten van wat de HEERE gezegd en gedaan had. Een dag om te genieten van Gods vrede. In stilheid en rust genieten. De rust op deze stille zaterdag nodigt ertoe uit om te denken aan die heerlijke rust. Die rust is er bij  de leerlingen niet, omdat ze niet  zien wie de Here Jezus echt is. Ze hebben zich niet goed op deze sabbat voorbereid.

Dan komt die heerlijke maandag waarop Jezus laat zien dat Hij gerust heeft om op te staan. Om de overwinning op dood, duivel en zonde te laten zien. Hij laat zien dat de eeuwige sabbat, de eeuwige rust die een en al genieten is, door Hem op de vrijdag van het Pascha verdiend is. We mogen na de stille zaterdag juichen en jubelen als we ons aan de levende Christus vastklampen. Midden in verdriet, moeite en ellende. In een wereld vol dreiging mogen we dan weten dat we door Christus op weg zijn naar de eeuwige rust en vrede, waar we steeds weer actief bezig mogen zijn in dienst van de Drie-enige God. De HEERE heeft ook deze prachtige volgorde in het jaar van het sterven van Christus gegeven, omdat Hij de enig levende God is. Hij regeert!

 

 

 

2e Paasdag

 

Ons dink nog aan God se groot daad dat Hy Christus uit die dood opgewek het. Dat Christus self uit die dood opgestaan het. Ons lees dit in God se eie Woord. Dit is die Gees wat ons so die heerlike werk van verlossing en oorwinning deur Christus wys. Die wonderlike werk van die Drie-enige God.

Dit is ook die werk wat uitvoering van God se plan van verlossing is. God se plan van verlossing is iets wat ons nooit kon bedink nie. Dit is ‘n plan wat ons nooit self kon uitvoer nie. Ons lees dit in 1 Korinte 2 so: “Ons praat egter van God se wysheid wat in 'n misterie gehul was, maar wat Hy voor alle tye vir ons heerlikheid bestem het, en wat nie een van die heersers van hierdie wêreld geken het nie; want as hulle het, sou hulle nie die Here van heerlikheid gekruisig het nie. Maar soos daar geskryf staan:

“Wat die oog nie gesien het,

die oor nie gehoor het,

en in die hart van 'n mens

nie opgekom het nie –

dit het God voorberei vir diegene

wat Hom liefhet.” Vs 7-9

Dit is die Here Jesus self wat aan Sy leerlinge die onderwys gee waar hierdie plan van verlossing in die Ou Testament gevind kan word. Die HERE is nie ‘n grillige of onbetroubare God nie. Hy voer Sy plan wat so goed en wonderlik uit. Hy wys daarin Sy liefde en genade. Hy nooi jou en my uit om ons lewe met Christus as die Opgestane te verbind. Om my lewe in Sy diens te stel en Hom as my Heer en Meester oor alle dinge te volg. Wat sou ek graag by die onderwys op vir die Jode die begin van die Dinsdag gewees het. (vir die Jode het die volgende dag 18.00 in die aand begin!) Dit is die Gees wat daarvoor gesorg het dat ons die onderwys waarvan ons in Lukas 24:44-48 lees, in die Bybel tot ons kom deur die onderwys wat die apostels ons deur toesprake en briewe gee. Hoe goed en nodig is dit om ons steeds weer vanuit God se Woord te laat onderwys deur te lees en te luister. Deur God se stem die suiwer vanuit die Bybel klink ons lewe te laat lei. Dan het ons hoe swaar dit ook vandag in jou lewe is, dan het ons een heerlike onverwoesbare toekoms.

 

Gods grote daden

 

God is geen idee. De Bijbel is geen boek vol ideeën die we uit kunnen werken en dat zorgt dan voor ons geloof en onze theologie. Juist het punt dat God zich in de geschiedenis door Zijn daden laat zien, maakt dat onmogelijk. De HEERE is niet een of andere filosoof van wie wij op aarde die filosofie naar verschillende kanten kunnen uitwerken.

Als ik de dingen goed zie, is dat juist wat er in onze tijd gebeurt. Ook in orthodoxe kringen. Dan werken we bepaalde lievelingsthema’s uit en die worden de grond voor ons geloof en hoe wij de HEERE zien. Het is zo belangrijk dat we steeds weer de woorden van God zelf voor 100% serieus nemen. Dat ons geloof daarop gegrond en daardoor steeds weer gevormd wordt. Dat we ons echt door Gods eigen woorden, die helemaal zuiver zijn, laten aanspreken. Dat is de enige manier om echt persoonlijk in verbondenheid met Christus te leven. Altijd weer terug naar Gods eigen Woord zonder tekstenplukkerij. Dat gebeurt juist als niet Gods eigen spreken, maar onze ideeën de grond van ons geloof en ons beeld van God zijn.

We lezen in Handelingen 2 over de leerlingen van de Here Jezus: “Wij horen hen in onze taal over de grote werken van God spreken.” Vs 11

Later schrijft Petrus dat het doel van ons leven en ook van de kerk van Christus op aarde is: “Maar u bent een uitverkoren geslacht, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een volk dat God Zich tot Zijn eigendom maakte; opdat u de deugden zou verkondigen van Hem Die u uit de duisternis geroepen heeft tot Zijn wonderbaar licht, u, die voorheen geen volk was, maar nu Gods volk bent; u, die zonder ontferming was, maar nu in ontferming aangenomen bent.” 1 Petrus 2:9,10 Hier wordt het woord deugden gebruikt. Dat wijst op Gods daden waarin Hij laat zien wie Hij is.

God wekte Christus uit de dood op. Dat is een van Gods grote daden. Daarin zie je wie Hij is. De Levende God die leven wil geven. De God die overwint en waarmaakt wat Hij belooft. Dat is maar geen idee. Dat is de werkelijkheid die we hebben te geloven en uit te leven en uit te dragen! Je leert de HEERE kennen uit Zijn daden! Die sporen altijd 100% met Zijn woorden.

 

Opstanding en nieuw ander leven

 

De Here Jezus staat op uit de dood. Dat is niet maar een of ander los feit. Het is niet zo dat Jezus’ opstaan uit de dood  geen invloed op het leven van anderen heeft. Dat opstaan uit het graf, dat opstaan uit de dood is ook de grond waarop wij kunnen staan om een ander leven te gaan leiden. Om juist niet onszelf te blijven, maar ons eigen zondige ik al meer dood te maken. Om al meer een ander mens te worden. Dat staat lijnrecht tegenover hoe er in onze tijd vaak wordt gedacht. Je moet in je eigen kracht staan. Je moet je eigen ambities najagen. Als je iets wilt, moet je dat najagen en als je het wilt, kun je het ook, wordt er dan gezegd. Als je alleen menselijk kijkt, leidt dat tot ravages in het leven van mensen. Jou wordt beloofd dat als je wilt, je jouw doelen kunt bereiken. Het lukt niet en dan is de conclusie dat je gefaald hebt. Dat je leven eigenlijk geen waarde heeft. Het is zo onbarmhartig wat er wordt gezegd. Het maakt levens stuk en alleen zij die uitblinken worden geprezen. Ook dan zien we vaak na een tijd dat levens emotioneel zo stuk zijn gemaakt, omdat het alleen maar om presteren ging. Je vindt nooit rust.

Christus wil ons de kracht geven om door Zijn kracht een nieuw mens te worden. Daar worden toe opgeroepen. Een voorbeeld vinden we in Colossenzen 3: “Als u nu met Christus opgewekt bent, zoek dan de dingen die boven zijn, waar Christus is, Die aan de rechterhand van God zit.

Bedenk de dingen die boven zijn en niet die op de aarde zijn, want u bent gestorven en uw leven is met Christus verborgen in God. Wanneer Christus geopenbaard zal worden, Die ons leven is, dan zult ook u met Hem geopenbaard worden in heerlijkheid. Dood dan uw leden die op de aarde zijn: ontucht, onreinheid, hartstocht, kwade begeerte, en de hebzucht, die afgoderij is.” Vs 1-5

Worden wij nu opgejaagd? Nee, we mogen bidden om de kracht van Christus die de Geest wil geven om niet onszelf te blijven, maar een nieuw mens. Maar ik zie nog zoveel mislukkingen in mijn leven? Dat is waar. Dan mag je naar Christus om bij Hem vergeving te krijgen! Niet om slordig te worden, maar wel om rust te vinden en in Zijn kracht weer verder te kunnen als Gods kind! God  is dan onze Vader die zoveel rust en liefde geeft!

 

Opstanding en pastoraat

 

Die Here Jesus het opgestaan.  Hy is die Koning. Niks en niemand kon Hom teenhou nie. Wat die duiwel ook probeer het. Hoe die dood ook oor die Here Jesus wou heers. Op die Sondag het die hemel deur die engel na die aarde gekom. Die engel het die steen van die opening van die graf weggerol. Hy het dit nie gedoen omdat die Here Jesus anders nie uit die grafte kon kom nie. Vir Jesus met Sy verheerlikte liggaam was mure geen belemmer meer om iewers te kom nie. Die engel het die steen weggerol as eerbewys. Die hemel het Jesus as die Opgestane begroet. Jesus is die oorwinnaar! Hy is die oorwinnaar  met ‘n warme en sagte hart. Hy is die Herder wat sy verlore skape opsoek. Wat om hulle gee. Niemand glo in Hom as die Een wat volgens God se Woord en daarom ook volgens Sy eie Woord die dood agter Hom gelaat het.

Wat doen die Vredevors? Hy soek Sy leerlinge op. Hy verskyn aan baie. Hy stuur mense wat uit die grafte opgestaan het Jerusalem in om mense van Sy opstanding te oortuig. Om mense tot geloof in Hom te bring. Hy gaan praat  met Petrus en Jakobus.  Hy verskyn aan Sy leerlinge. Aan die Emmausgangers.  Hy gee vir Sy leerlinge onderwys sodat hulle hierdie onderwys ook aan ander kan gee. Hy gee voordat Hy na die hemel gaan aan Sy leerlinge, aan die kerk die opdrag om die wêreld oor te gaan om van Hom te vertel. Om met liefde mense uit alle volk op te roep om in Hom te glo en deel van God se volk te word. Christus is opgestaan om juis as Herder ons te soek. Nie te soek as ons uit onsself goed genoeg geword het vir God. Nee, Hy soek ons terwyl ons nog sondaars is. So groot is Sy liefde. Hy is die Herder met ‘n hart wat klop vol liefde.

Dit leer ons om sondaars op te soek, om mense wat afdwaal op te soek. Dit leer ons om eie reg en eie gelyk aan die kant te skuif en ander juis met die evangelie van Christus te soek om saam Hom te dien. Om saam van genade te leef en so ons blydskap saam in Hom te vind. Ons mag Christus deur die Gees volg en God as ons Vader  ken net omdat Christus ons gesoek het. So goed is die Almagtige God. So diep gaan Christus se liefde. Die liefde van Hom wat die Koning is.

 

Opstanding en apostelen

 

Gisteren kwam er een interessante vraag. Zijn er vandaag nog apostelen? Je hoort ook in onze tijd dat mensen apostel genoemd worden. Is het zo dat die er nu nog in de Bijbelse zin kunnen zijn? Het antwoord hierop moet heel duidelijk nee zijn. Juist als je naar de opstanding van Christus kijkt en dat de boodschap daarvan de wereld over moet gaan, maakt de Geest duidelijk dat de tijd voor apostelen voorbij is. Het ambt van apostel was heel bijzonder. Daaraan waren heel duidelijke voorwaarden verbonden. Dat lezen we wanneer er in de plaats van Judas een nieuwe apostel moet komen. We lezen daarover in Handelingen 1 het volgende: “Het is dus nodig dat een van de mannen die met ons omgegaan zijn gedurende heel de tijd dat de Heere Jezus onder ons in- en uitging, te beginnen met de doop van Johannes tot op de dag waarop Hij van ons opgenomen werd, met ons getuige wordt van Zijn opstanding. En zij stelden er twee voor: Jozef, die Barsabas heette, die ook Justus genoemd werd, en Matthias. En zij baden en zeiden: U Heere, Kenner van het hart van allen, wijs van deze twee er een aan, die U uitgekozen hebt om deel te krijgen aan deze bediening, namelijk aan het apostelschap, waarvan Judas afgeweken is om naar zijn eigen plaats te gaan. En zij wierpen hun loten en het lot viel op Matthias; en hij werd met instemming van allen aan de elf apostelen toegevoegd.” Vs 21-26

Duidelijk is dus dat een apostel alleen iemand kan zijn die zelf onderwijs van de Here Jezus gekregen heeft. Iemand die op gezag van Christus de wereld kan ingaan en kan vertellen wat de Here Jezus Hem zelf verteld heeft en laten zien heeft. Vandaag hebben we de Bijbel als het gegeven Woord en dat moet ons genoeg zijn. Dan komt natuurlijk de vraag hoe Paulus dan een apostel kon zijn. Hij was niet de hele tijd bij de Here Jezus. Dan moeten we bedenken dat de Here Jezus Hem zelf onderwijs gegeven heeft toen hij naar Arabië is gegaan. Hij kreeg ook openbaringen van God die Hem leerden wat de Here Jezus had gedaan. Zie Efeze 3:3. Galaten 2; 2 Korinthe 12:1-10

Een groot deel van het Nieuwe Testament hebben we van God door de apostelen gekregen. We mogen nu bouwen op het apostolische Woord! Dat vast en zeker is. Zo wordt het evangelie van de opstanding nu door mensen die vanuit het gegeven Woord de boodschap van Christus brengen.

 

Opstanding en die toekoms

 

Die lewe kan moeilik en swaar wees. Dit kan wees dat dit so donker lyk dat die lig nie meer gesien word nie. Die dood kan so naby wees. Die dood kan soos ‘n dreiging oor jou lewe en die lewe van jou gesin lê. Dit kan wees dat jy in ‘n oorlog, in ‘n tyd van vervolging leef. Dit kan wees dat jy gesef dat moord sommerso jou lewe binnekom.

Wat is dan Christus’ se opstanding uit die dood werd? Dit kan so mooi klink maar wat is die nut van Christus se opstanding in daardie omstandighede? Die wonderlike is dat juis in daardie omstandighede die waarde van Christus se opstanding so heerlik na vore kom. Sonder Christus, sonder met Hom verbonde te wees, is dit dan donker. Dan sien jy net die donker. Selfs as ‘n mens dan nog dink om toekoms te hê dan is dit in werklikheid nie so nie. Sonder die vertroue op en die lewe met Christus as jou God en Koning is daar geen goeie toekoms nie. Dan is daar net die donkerte van die ewige verlorenheid.

Paulus maak dit duidelik as hy in 1 Korinte 15 skryf: “En as Christus nie opgewek is nie, is julle geloof vergeefs, en is julle steeds in julle sondes. Dan is ook diegene wat in Christus ontslaap het, verlore. Indien ons hoop slegs vir hierdie lewe op Christus gevestig is, is ons die bejammerenswaardigste van alle mense.” Vs 17-19

Hoe heerlik is dit om te weet dat Christus regtig uit die dood opgestaan het. Dat dit die beslissende oorwinning op die dood, die sonde en die duiwel is. Dat wie in verbondenheid met Christus leef deur Sy opstanding toekoms het. ‘n Wonderlike toekoms. Dit gee moed. Ook as die lewe nou swaar is. So wys die Gees ons dat ons lewe nou op hierdie aarde in diens van Christus, regtig sinvol is. Op grond van Christus se opstaan uit die dood bemoedig die Gees ons vandag en enige dag dat ons op aarde leef met hierdie woorde: “Die angel van die dood is die sonde, en die krag van die sonde lê in die wet. Maar aan God die dank, wat aan ons die oorwinning gee deur ons Here Jesus Christus. Daarom, my geliefde broers, wees standvastig en onwrikbaar, en wy julle ten volle aan die werk van die Here, omdat julle weet dat julle arbeid in die Here nie vergeefs is nie.” dood bemoedig die Gees ons vandag en enige dag dat ons op aarde leef met hierdie woorde: “ 1 Kor 15:56-58

 

Opstanding en ons lichaam

 

Er waren tijden waarin ons lichaam als minderwaardig werd gezien. Je lichaam zou een gevangenis zijn waarin je persoonlijkheid, je ziel woonde. Je moest uit de gevangenis bevrijd worden. Wanneer je dan over de opstanding van je lichaam sprak, keken mensen je vreemd en minachtend aan. Zo was het toen Paulus in Athene over de opstanding van Christus uit het graf vertelde. We lezen dat in Handelingen 17: “God dan verkondigt, met voorbijzien van de tijden van de onwetendheid, nu overal aan alle mensen dat zij zich moeten bekeren, en wel omdat Hij een dag vastgesteld heeft, waarop Hij de wereld rechtvaardig zal oordelen door een Man Die Hij daartoe aangesteld heeft. Daarvan heeft Hij aan allen het bewijs geleverd door Hem uit de doden te doen opstaan. Toen zij nu over de opstanding van de doden hoorden, spotten sommigen daarmee. En anderen zeiden: Wij zullen u hierover nog wel eens horen. En zo is Paulus uit hun midden weggegaan.” vs 30-33

De opstanding van Christus met een verheerlijkt lichaam laat zien dat ook ons lichaam bij ons mens-zijn hoort. Zo heeft de HEERE ons als mens bedoeld. Juist met lichaam en ziel. Christus heeft verdiend dat we ook met ons lichaam gered zijn. Hij heeft verdiend dat alle gebreken die er na de zondeval ook in ons lichaam gekomen zijn, zullen verdwijnen. Wie op Christus bouwt, zal eens met een lichaam opstaan dat immuun is voor dood en ziekte. Een lichaam zo goed en zo mooi. Alle gebreken en beperkingen zijn dan voor altijd uit je lichaam verdwenen.

De HEERE laat zo ook zien dat je lichaam ertoe doet. Dat we onze lichamen goed hebben te verzorgen als een geschenk dat we van onze God en Schepper hebben gekregen. Door de kracht van Christus en de Geest leven betekent dat alle pijn en zwakheid eens uit je lichaam verdwijnt. We hoeven niet van ons lichaam af, maar mogen leven in de verwachting dat het ook met ons lichaam echt goed komt. Dat betekent ook dat we onze lichamen en lichamelijke kracht in dienst van onze God en Verlosser willen gebruiken. In Zijn dienst!

 

Opstanding en die natuur

 

Christus het opgestaan met ’n verheerlikte liggaam. Hy het ook ons liggame vir die toekoms van die gevolge van die sonde verlos. Beteken dit dat Sy verlossing, Sy opstaan uit die dood net betekenis vir mense het? Is wat God rondom geskep het van min waarde?

Dit is nie so nie. Die HERE is die Skepper van alle dinge. Die hele skepping wys Sy grootheid. Ons sien ook in die Nuwe Testament hoe die Here God deur Christus wys dat Hy heer oor die hele skepping is en dat Hy ook die hele skepping wil red en sal red van al die gevolge van die sonde. Die sonde wat ons as mense in God se skepping gebring het. Die sonde wat ook baie dinge in God se natuur stukkend gemaak het.

Die Here Jesus word 40 dae deur die duiwel in die woestyn versoek. Ons lees daarvan in Markus 1: “Direk daarna het die Gees Hom die woestyn in gedryf. Hy was veertig dae lank in die woestyn, waar Hy deur Satan versoek is. Hy was saam met wilde diere, en engele het Hom versorg.” Vs 12,13 Christus het die duiwel weerstaan. Die gevolg daarvan is dat duidelik word dat Hy die Koning is en dat Hy vir die vrede in God se skepping gaan sorg. Hy gaan sorg vir die vrede met God en ook vir die vrede van mense met wilde diere en die engele. Hy gaat daarvoor sorg dat niemand in die skepping meer ‘n bedreiging vir die ander sal wees nie. So verdwyn die angs vir God en die angs vir elkeen op die nuwe aarde. Ons sal as ons op Christus in hierdie lewe bou geen angs meer ken nie.

Christus se opstanding wys dat die verheerlikte en wonderlike lewe verseker kom. Wat Christus verdien het daar kyk ook die hele skepping vol verlange na uit. Ons lees dit in Romeine 8. Dan gaat dit om die dag waarop Christus terugkom en die gelowiges met hul verheerlikte liggame opstaan. Ons lees daarvan dit: “Met vurige verlange wag die skepping daarop dat die kinders van God openlik bekend gemaak sal word. Want die skepping is onderwerp aan 'n sinlose bestaan, nie uit eie keuse nie, maar deur Hom wat dit daaraan onderwerp het. Die skepping hoop om self vrygemaak te word van verslawing aan die verganklikheid, met die oog op die heerlike vryheid van die kinders van God. Ons weet immers dat die ganse skepping tot nou toe saam met ons sug, ja, in geboortepyne verkeer.” Vs 19-22 

Dit leer ons vanuit Christus se opstanding ook om omgewingsbewaring op waarde te skat. Omdat dit ook nou om die HERE se skepping gaan.